Zoekwoordonderzoek is uitzoeken welke woorden je klanten intikken als ze zoeken naar wat jij doet. Het klinkt als iets voor specialisten met dure software, maar de belangrijkste inzichten haal je er gratis uit.
Het is ook de stap die bij zelfgebouwde sites vrijwel altijd wordt overgeslagen, en de reden dat die sites daarna niet gevonden worden.
Stap 1: begin bij je eigen gesprekken
Voordat je een tool opent: hoe vragen je klanten het aan de telefoon?
Dat is bijna nooit hoe jij het opschrijft. Jij zegt “gevelrenovatie”, je klant zegt “voegwerk laten doen”. Jij zegt “arbeidsrechtelijke ondersteuning”, je klant zegt “kan ik iemand ontslaan”.
Schrijf twintig zinnen op zoals klanten ze werkelijk gebruiken. Kijk in je mailbox, luister terug wat er in verkoopgesprekken gezegd wordt. Dit is je beste bron en niemand anders heeft hem.
Stap 2: laat Google je de rest vertellen
Drie gratis manieren, allemaal in Google zelf.
Autocomplete. Begin je term in te tikken en kijk wat Google voorstelt. Dat zijn daadwerkelijk uitgevoerde zoekopdrachten.
“Mensen vragen ook”. Het uitklapblok halverwege de resultaten. Elke vraag die je uitklapt levert nieuwe vragen op. Dit is een goudmijn voor kennisbankartikelen.
Gerelateerde zoekopdrachten. Onderaan de resultatenpagina.
Doe dit voor je twintig zinnen uit stap 1 en je hebt binnen een uur een lijst van tachtig tot honderd termen.
Stap 3: kijk naar intentie, niet naar volume
Dit is waar de meeste beginners de mist in gaan.
Een term met duizend zoekopdrachten per maand klinkt beter dan een term met dertig. Maar “wat kost een website” wordt vaak gezocht door mensen die aan het oriënteren zijn, en “website laten maken nijmegen” door iemand die volgende week wil beginnen.
Grofweg drie soorten:
- Informatief — “hoe werkt X”. Veel volume, lage koopintentie. Goed voor je kennisbank.
- Vergelijkend — “X versus Y”, “beste X”. Middelmatig volume, groeiende intentie.
- Transactioneel — “X laten doen”, “X kopen”, “X in [plaats]”. Weinig volume, hoge intentie. Hier zit je geld.
Begin bij transactioneel, ook al is het volume laag.
Stap 4: schat de concurrentie in
Zoek de term op en kijk wat er staat.
Staan er tien landelijke partijen met tientallen jaren autoriteit, vergelijk sites en Wikipedia? Laat maar zitten voorlopig.
Staan er drie lokale bedrijven met matige sites, een oude blogpost en een gidspagina? Dat is te winnen.
Kijk ook of de resultaten überhaupt bij jouw aanbod passen. Als iedereen die scoort iets anders verkoopt dan jij, heeft Google een andere intentie bij die term dan jij denkt.
Stap 5: koppel elke term aan één pagina
Elke term die je serieus wilt, krijgt één pagina. En elke pagina heeft één hoofdterm.
Wijs je drie termen aan dezelfde pagina toe die inhoudelijk uit elkaar liggen, dan wordt die pagina op alle drie half. Wijs je één term aan twee pagina’s toe, dan concurreren die met elkaar.
Hoeveel pagina’s je daarvoor nodig hebt staat in Hoeveel pagina’s heeft je website nodig?.
De drie fouten die het vaakst gemaakt worden
Optimaliseren op je eigen vakjargon. Als niemand het woord gebruikt dat jij gebruikt, kun je er niet op gevonden worden.
Gaan voor de grootste term. “Website” heeft enorm volume en is voor jou onhaalbaar. Twintig kleinere termen die je wél wint, leveren samen meer op.
Zoekwoorden in de tekst proppen. Dat werkt al meer dan tien jaar niet meer en leest verschrikkelijk. Eén keer in de kop, een paar keer natuurlijk in de tekst, en verder gewoon schrijven zoals je praat.
Wanneer je een tool nodig hebt
Voor exacte zoekvolumes en concurrentiescores heb je Ahrefs of Semrush nodig, en die kosten geld. Voor de meeste MKB-bedrijven is de gratis methode hierboven genoeg om te beginnen — vooral omdat de winst zit in dát je het doet, niet in de precisie van de cijfers.
Wij doen dit onderzoek voordat er één pagina ontworpen wordt. Dat is het verschil tussen een site die er goed uitziet en een site die gevonden wordt. Meer daarover op de abonnementspagina.
Kort antwoord op de deelvragen
- Waar vind ik gratis welke woorden mensen gebruiken?
- Moet ik gaan voor zoektermen met veel volume?
- Hoe weet ik of een zoekterm te moeilijk is?
- Hoeveel zoekwoorden heb ik nodig?